Prepensioneringsregeling

Gecontroleerd op 04 juli 2019

Prepensioneringsregeling

Per 1 oktober 2019 wordt uw pensioenkapitaal omgezet in pensioen in het flex pensioen

In het flex pensioen zoals dat tot 1 januari 2006 van kracht was, had u de mogelijkheid om een deel van uw salaris opzij te zetten in de prepensioneringsregeling. Uw inleg is belegd en zo werd een ‘prepensioneringskapitaal’ gevormd. Ook kunt u een prepensioneringskapitaal hebben verkregen wanneer u in 1997 of 2005 bent overgegaan van de eindloonregeling naar het flex pensioen.

Volgens het reglement wordt dit kapitaal op de pensioendatum omgezet in een pensioen. Dit laatste gaat veranderen. Uw kapitaal wordt reeds per 1 oktober 2019 omgezet in een aanspraak op pensioen. Op deze pagina kunt u zich inschrijven voor het webinar 'Omzetting pensioenkapitaal in pensioen' dat plaatsvindt op woensdag 18 september van 14.00 - 15.00 uur. Ook leest u vragen en antwoorden over deze wijziging.

Webinar ‘Omzetting pensioenkapitaal in pensioen’

Als u meer wilt weten, nodigen wij u graag uit voor het live webinar ‘Omzetting pensioenkapitaal in pensioen’. Tijdens dit webinar lichten wij de wijziging mondeling toe. En u heeft de mogelijkheid om direct uw vragen te stellen. Deze beantwoorden we dan tijdens het webinar of we komen er later bij u op terug. Het webinar vindt plaats op woensdag 18 september 2019 van 14.00 - 15.00 uur. Kunt u het webinar niet live bijwonen? Dan kunt u op een later moment een opname terugkijken of de vragen en antwoorden teruglezen.

Hoe aanmelden?

U kunt zich aanmelden door een email te sturen naar het adres: algemeenbestuur.ppf@philips.com. Wilt u in uw bericht de volgende gegevens opnemen:

  • Uw naam
  • Uw salarisnummer
  • Uw telefoonnummer

Direct aanmelden

Wilt u zich direct aanmelden voor het webinar 'Omzetting pensioenkapitaal in pensioen'?

Stuur een e-mail

Goed om te weten

Heeft u een brief ontvangen over de prepensioneringsregeling? Lees hier de highlights uit de brief.

 

 

Uw pensioenkapitaal wordt op een eerder moment omgezet in een aanspraak op pensioen

Omzetting pensioen

Uw pensioenkapitaal wordt vanzelfsprekend nog steeds gebruikt voor úw pensioen. U krijgt er alleen op een eerder moment een aanspraak op pensioen voor terug. Niet pas op uw pensioendatum, maar al per 1 oktober 2019. Uiteraard zorgen wij voor een zorgvuldige omzetting om te voorkomen dat u daarvan nadeel ondervindt.

Flex pensioen

Wilt u weten hoe uw pensioen in het flex pensioen is geregeld? U leest een overzicht in Pensioen 123.

Naar Pensioen 123
Verhoging kapitaal met 5% en aanvullende garanties

Meer zekerheid

Bij de omzetting houden we zorgvuldig rekening met onzekere factoren die invloed hebben op uw pensioen in de oude en de nieuwe situatie: toekomstige indexatie en beleggingsrendement. Verder verhogen wij uw pensioenkapitaal vóór de omzetting met 5%. Daarbovenop gelden er bepaalde garanties om nadeel voor u te voorkomen. Al die maatregelen tezamen zorgen ervoor dat de vervroeging van de omzetting van uw pensioenkapitaal in vrijwel alle toekomstscenario’s gunstig voor u is en meer zekerheid biedt, omdat u niet langer zelf een direct beleggingsrisico loopt. Bij de brief heeft u een Pensioenoverzicht ontvangen waarop u ziet wat het voor u persoonlijk betekent.

Indexatiebeleid

Na omzetting geldt voor het pensioen uit prepensioneringskapitaal het indexatiebeleid. Wilt u hier meer over weten?

Naar Indexatiebeleid
Al uw pensioen ondergebracht in het flex pensioen

Totaaloverzicht

Los van de financiële maatregelen, is het een voordeel voor u dat uw volledige pensioen na de omzetting is ondergebracht in het flex pensioen, net als uw ‘gewone’ pensioen. U kunt dan, ook voor het omgezette pensioen, gebruikmaken van alle keuzemogelijkheden die deze regeling biedt. Zo kunt u uw pensioen laten ingaan op een door u gewenst moment. Daarmee wordt ook recht gedaan aan het oorspronkelijke doel van de prepensioneringsregeling. Doordat al uw pensioen in één regeling is ondergebracht, wordt uw pensioen overzichtelijker. Zo ziet u uw totale pensioen op dezelfde manier gepresenteerd op uw Uniform Pensioenoverzicht en in de Pensioenplanner. Met de Planner kunt u vervolgens zelf al uw keuzes eenvoudig doorrekenen.

MijnPPF

Uw pensioen na omzetting van uw prepensioneringskapitaal ziet u na 1 oktober 2019 terug in de Pensioenplanner in MijnPPF.

Naar MijnPPF

Wilt u meer weten over de beëindiging van de prepensioneringsregeling?

Vragen en antwoorden

  • Waarom wordt de prepensioneringsregeling beëindigd?

    Sinds 1 januari 2006 is het wettelijk niet meer toegestaan om te sparen in de prepensioneringsregeling. Dat betekent dat de regeling al dertien jaar ‘gesloten’ is. Er komt dus geen premie meer binnen en er komen ook geen nieuwe deelnemers meer bij, terwijl er steeds meer deelnemers met pensioen gaan. De kosten om de regeling in stand te houden, zijn daardoor onevenredig hoog geworden. Het Bestuur kan niet meer verantwoorden dat deze onevenredig hoge kosten worden gemaakt. Om die reden vervroegen we het moment waarop uw pensioenkapitaal wordt omgezet in flex pensioen.

    Dat doen we automatisch voor alle deelnemers met een pensioenkapitaal. Deze wijziging brengt voor ons op korte termijn kosten met zich mee. Dit komt doordat wij u als deelnemer met een pensioenkapitaal een aantal garanties bieden. De extra kosten vinden wij verantwoord als we deze afzetten tegen de hoge uitvoeringskosten die we zouden blijven maken bij ongewijzigde voortzetting van de prepensioneringsregeling.

  • Zijn er behalve het kostenaspect nog andere redenen om deze regeling te beëindigen?

    Doordat alle pensioenen van deelnemers straks zijn ondergebracht in het flex pensioen, wordt de pensioenregeling vereenvoudigd. Deelnemers krijgen een totaaloverzicht van hun pensioen via het Uniform Pensioenoverzicht, doordat het pensioen niet meer in verschillende ‘potjes’ is opgenomen. De pensioensituatie wordt zodoende overzichtelijker. Een aparte regeling voor ‘prepensionering’ is ook niet meer nodig. Via het flex pensioen kunt u al zelf een pensioenleeftijd kiezen die eerder ligt dan de pensioenrichtleeftijd.

    Daarnaast krijgen deelnemers meer zekerheid over hun pensioenaanspraken. Een oudere deelnemer die belegt in aandelen, loopt het risico op sterke koersdalingen en daardoor een lager rendement. Een geïndexeerd pensioen in de flex-regeling levert dan meer op.

    Een eenvoudigere pensioenregeling helpt ook om fouten in de uitvoering te voorkomen en het maakt de kosten voor uitvoering lager. En lagere kosten is uiteindelijk in het belang van alle deelnemers.

  • Kan het Pensioenfonds dit zelfstandig besluiten? Of spelen de onderneming en de vakorganisaties hierbij ook nog een rol?

    Het Bestuur van Philips Pensioenfonds mag, ook wettelijk gezien, besluiten om uw pensioenkapitaal op een eerder moment om te zetten in een aanspraak op pensioen. Dat neemt niet weg dat het Bestuur in de besluitvorming een zorgvuldig proces heeft gevolgd. In dat proces zijn onder andere de ondernemingen en de vakorganisaties die betrokken zijn bij de cao-onderhandelingen, meegenomen. Het Pensioenfonds heeft hen vooraf geïnformeerd over het voorgenomen besluit en ook de informatie die u heeft ontvangen, is vooraf ter beoordeling voorgelegd aan zowel de ondernemingen als de vakorganisaties. Met hun opmerkingen is rekening gehouden.

  • Is er een keuzemogelijkheid om af te zien van de omzetting van het pensioenkapitaal in pensioen?

    Nee, die keuze is er niet. Voor alle deelnemers wordt het pensioenkapitaal automatisch omgezet in een aanspraak op pensioen. Wettelijk gezien mag het Pensioenfonds daartoe zelfstandig besluiten. Uw kapitaal wordt immers nog steeds aangewend voor uw pensioen; de omzetting vindt alleen plaats op een eerder moment dan bij pensionering. Daarbij heeft het Bestuur aanvullende garanties geregeld om nadeel voor u als deelnemer te voorkomen.

    Als het Bestuur wel had gekozen voor een keuzemogelijkheid, zou er immers nog steeds sprake zijn van onevenredig hoge uitvoeringskosten voor het instandhouden van de beleggingsfondsen van de prepensioneringsregeling. De groep deelnemers zou dan alleen nóg kleiner worden en het probleem dus nóg groter.

  • Waarom zijn de uitvoeringskosten voor de prepensioneringsregeling zo hoog? Het Pensioenfonds belegt zelf ook en maakt daar toch ook al kosten voor?

    De beleggingen voor deelnemers aan de prepensioneringsregeling zijn volledig gescheiden van het pensioenvermogen van het Pensioenfonds. Het prepensioneringskapitaal van deelnemers is belegd in een drietal beleggingsfondsen die speciaal voor de prepensioneringsregeling in het leven zijn geroepen: een aandelenfonds, een obligatiefonds en een geldmarktfonds. Het is dus niet zo dat de kapitalen van deelnemers in de prepensioneringsregeling ‘meelopen’ in de beleggingen van ons totale pensioenvermogen. Dat is ook niet mogelijk. Het instandhouden van de drie beleggingsfondsen van de prepensioneringsregeling brengt kosten met zich mee die nu nog gedragen worden door het Fonds. Ook leidt de administratie van een extra pensioenregeling tot relatief forse administratiekosten. Al deze kosten komen nu ten laste van het pensioenvermogen. Het Bestuur kan, gelet op het steeds kleiner wordend aantal deelnemers aan de prepensioneringsregeling, niet meer verantwoorden dat deze kosten worden gemaakt.

  • Meer laden...

Wilt u meer weten over de (aanvullende) garanties en 5% verhoging van het kapitaal?

Vragen en antwoorden

  • Er staat dat er garanties zijn om een nadeel voor de deelnemer te voorkomen. Wat voor nadelen zijn dit?

    De prepensioneringsregeling waaraan u deelneemt, is een zogenaamde individuele beschikbare premieregeling. Gedurende uw werkzame leven bouwt u een individueel pensioenkapitaal op, waarmee u een pensioen bij Philips Pensioenfonds kunt inkopen. Tot dat moment wordt uw pensioenkapitaal in de prepensioneringsregeling belegd. Het voordeel daarvan is dat u zelf kunt bepalen hoeveel beleggingsrisico u neemt met uw pensioenkapitaal en dat het behaalde rendement ook geheel ten goede komt aan uw pensioen. Het nadeel is dat u tot uw pensioendatum ook zelf het beleggingsrisico over uw kapitaal loopt.

    Doordat uw kapitaal eerder dan oorspronkelijk gepland wordt omgezet in een aanspraak op pensioen, mist u het rendement dat daarop mogelijk zou zijn gemaakt in de periode tussen 1 oktober 2019 en uw pensioendatum. Daar staat tegenover, dat de aanspraak op pensioen die u per 1 oktober 2019 verkrijgt, wordt verhoogd volgens het indexatiebeleid van het Fonds. Beide factoren, toekomstig rendement en toekomstige indexatie, zijn onzeker. We kunnen nu niet met zekerheid vaststellen of deze voor u persoonlijk positief of negatief uitpakken.

    Om te voorkomen dat de omzetting voor u mogelijk nadelig uitpakt, heeft het Bestuur extra garanties geregeld. Daarmee kunnen wij stellen dat het pensioen dat u nu per 1 oktober 2019 krijgt in vrijwel alle toekomstscenario’s hoger is dan uw pensioen bij voortzetting van de prepensioneringsregeling. Het is echter niet met zekerheid te zeggen dat er geen toekomstscenario denkbaar is waarin dat niet zo is. Wat wel zeker is, is dat u in die situatie zelf het risico draagt, waar uw pensioen na omzetting meer zeker is geworden.

  • Waarom staat er een lager bedrag op het Pensioenoverzicht Prepensionerinsgregeling en het Uniform Pensioenoverzicht 2019 in vergelijking met het bedrag op het Uniform Pensioenoverzicht 2018 bij ‘einde deelname vóór pensionering’?

    Het pensioenbedrag bij ‘einde deelname vóór pensionering’ op het Uniform Pensioenoverzicht 2018 is onjuist voor deelnemers die een startkapitaal hebben. Dit komt doordat de tariefgarantie hier niet op de juiste manier is berekend. De verlaging staat dus volledig los van de beëindiging van de prepensioneringsregeling per 1 oktober 2019. Tijdens het webinar zal hierop uitgebreid ingegaan worden. Hieronder vindt u alvast een toelichting hierop.

    Om vast te stellen hoeveel pensioen u kunt aankopen met uw kapitaal, gebruiken wij bepaalde ‘aankooptarieven’. De hoogte van het pensioen wordt sterk bepaald door de rente. Als u in 1997 of in 2005 een startkapitaal heeft verkregen bij de overgang van de eindloonregeling naar het flex pensioen, dan heeft u een ‘tariefgarantie’. De tariefgarantie houdt in dat wij bij de omzetting van uw kapitaal in pensioen uitgaan van de dezelfde uitgangspunten, waaronder de rekenrente, voor de aankooptarieven als de uitgangspunten die per 1 april 1997 respectievelijk 1 januari 2005 zijn toegepast bij de vaststelling van het startkapitaal. Mits deze aankooptarieven voor u gunstiger zijn dan onze huidige aankooptarieven.

    In de voorgaande jaren is deze garantie met betrekking tot het pensioen bij einde deelname vóór pensionering op uw Uniform Pensioenoverzicht onjuist vastgesteld. Er is daar namelijk van uitgegaan dat de gegarandeerde uitgangspunten ook vóór pensionering gelden. Dat is niet juist, omdat de garantie betrekking heeft op het moment van pensionering en niet daarvóór. Tot de pensioendatum komen de (beleggings)risico’s namelijk voor rekening van de deelnemer.

    In het Uniform Pensioenoverzicht 2019 is dit gecorrigeerd. Het pensioenbedrag bij beëindiging deelname vóór pensionering is nu als volgt berekend: van 1 januari 2019 tot uw pensionering is uw pensioenkapitaal eerst verhoogd op basis van de huidige rentetarieven. Vervolgens is berekend welk pensioen u met dat verhoogde pensioenkapitaal kunt inkopen op uw pensioendatum. Bij die omzetting is gerekend met de garantietarieven (van 1997 of 2005). Dit betekent dat het bedrag dat u dit jaar op uw Pensioenoverzicht ziet, lager is dan het bedrag in voorgaande jaren.

    Voorbeeld

    Wij lichten de berekening van het pensioen bij beëindiging deelname vóór pensionering toe aan de hand van een voorbeeld. Stel het startkapitaal bedraagt per 1 januari 2019 € 10.000 voor een deelnemer die 58 jaar is. Tot de pensioenrichtleeftijd van 68 jaar kan het pensioenkapitaal nog 10 jaar renderen. De 10-jaarsrente zoals gepubliceerd door De Nederlandsche Bank (DNB) bedroeg 0,83% per jaar.

    Op basis hiervan zou het pensioenkapitaal op de pensioenrichtleeftijd € 10.862 zijn (€ 10.000 verhoogd met de jaarlijkse rente van 0,83%). Volgens de garantietarieven kost € 1 per jaar aan levenslang ouderdomspensioen resp. nabestaandenpensioen:

     

    Ouderdomspensioen

    Nabestaandenpensioen

    Startkapitaal 1997

    € 9,75

    € 4,59

    Startkapitaal 2005

    € 10,87

    € 4,66

     

    Met een pensioenkapitaal van € 10.862 krijgt de deelnemer op de pensioendatum de volgende aanspraken:

     

    Ouderdomspensioen

    Nabestaandenpensioen

    Startkapitaal 1997

    € 838
    (= € 10.862/(9,75) + (70% x 4,59))

    € 587
    (= 70% x € 838 = € 587)

    Startkapitaal 2005

    € 769
    (= € 10.862/(10,87) + (70% x 4,66))

    € 538
    (= 70% x € 769)

     

    Deze pensioenen worden op 1 oktober 2019 toegekend binnen het flex pensioen en volgen vanaf dat moment ons reguliere indexatiebeleid. Daarom is gerekend met de rente zoals gepubliceerd door DNB.

  • Welke uitgangspunten zijn gehanteerd om vast te stellen hoe hoog het pensioen zou zijn bij voortzetting van de prepensioneringsregeling (vanwege de garantie die daarvoor wordt gegeven)?

    Om te beoordelen of een deelnemer nadeel ondervindt van de eerdere omzetting van het pensioenkapitaal, moet een verwachting uitgesproken worden over de toekomstige beleggingsrendemente en indexaties. Jaarlijks moet Philips pensioenfonds een zogenoemde haalbaarheidstoets uitvoeren. Wij rekenen dan voor 2.000 economische scenario’s uit hoe de financiële positie van het Pensioenfonds zich door onder andere beleggingsrendement gaat ontwikkelen en hoeveel indexatie wij kunnen verlenen. Deze economische scenario’s zijn voorgeschreven door De Nederlandsche Bank. Wat ons betreft zijn die objectief vastgesteld. Daarom gebruiken wij de rendementen uit die scenarioset en de verwachte indexaties om vast te stellen of een deelnemer nadeel ondervindt van de vervroegde omzetting van het pensioenkapitaal. We hanteren het zogenoemde mediaan-scenario: in de helft van de scenario’s wordt meer rendement en indexatie gerealiseerd, in de andere helft minder.

  • Waar is de verhoging van het pensioenkapitaal met 5% op gebaseerd?

    Het Bestuur heeft als extra zekerheid besloten uw pensioenkapitaal voor omzetting te verhogen met 5%. Dit percentage is ook gehanteerd bij een eerdere, vergelijkbare wijziging binnen de pensioenregeling van Philips. Het Bestuur vond het belangrijk om daar consistent in te zijn en nu dezelfde verhoging te geven.

Wilt u meer toelichting op diverse bedragen?

Vragen en antwoorden

  • Wat is het verschil tussen het te bereiken pensioenbedrag op het Uniform Pensioenoverzicht 2018 en de pensioenbedragen op het Pensioenoverzicht Prepensioneringsregeling?

    Het te bereiken pensioen op het Uniform Pensioenoverzicht geeft het pensioen uit het kapitaal weer dat u op de pensioendatum uit de omzetting zou krijgen. Hiervoor wordt tot de pensioendatum uitgegaan van een jaarlijks rendement op uw kapitaal van 4%. Dat rendementspercentage is wettelijk voorgeschreven, maar is vanwege de lage rente op dit moment niet realistisch. Hier is in de begeleidende brief bij het Uniform Pensioenoverzicht 2018 en in de toelichting ook uitdrukkelijk op gewezen. Voor een meer realistische inschatting van uw te bereiken pensioen uit kapitaal, werd verwezen naar de Pensioenplanner. In de Pensioenplanner is gerekend met een meer realistische rendementsverwachting waarbij rekening wordt gehouden met de lage rente en de manier waarop uw kapitaal is belegd.

    Op het Pensioenoverzicht Prepensioneringsregeling is uw pensioen na omzetting weergegeven op 1 oktober 2019. Dit is dus anders dan op uw Uniform pensioenoverzicht waar het pensioen op de pensioendatum is weergegeven en met een onrealistisch rendement van 4% per jaar gerekend moest worden. Deze bedragen zijn dus niet vergelijkbaar. Tot uw pensioendatum wordt het omgezette pensioen nog verhoogd volgens het indexatiebeleid van Philips Pensioenfonds. Met deze (voorwaardelijke) toekomstige verhogingen is op het Pensioenoverzicht Prepensioneringsregeling nog geen rekening gehouden. Het pensioen op de pensioendatum op uw Uniform Pensioenoverzicht 2018 wordt pas na pensionering geïndexeerd.

    Voorbeeld

    Stel dat het pensioen na omzetting op 1 oktober 2019 € 1.000 per jaar bedraagt en u heeft nog 10 jaar te gaan tot uw pensioenleeftijd. Dan kan uw pensioen nog 10 jaar verhoogd worden volgens het indexatiebeleid van het Pensioenfonds. Stel dat de indexatie per jaar 1,5% is, dan is het pensioen op de pensioendatum gestegen tot € 1.161.

    Tijdens het webinar zal hierbij nog uitgebreid stilgestaan worden.

  • Welke verschillen zijn er tussen de brief van begin juli en uw Uniform Pensioenoverzicht 2019?

    U heeft kort na elkaar twee pensioenoverzichten ontvangen die beide gebaseerd zijn op uw pensioenkapitaal per 1 januari 2019. Hieronder leest u enkele aandachtspunten wanneer u de bedragen uit beide overzichten met elkaar wilt vergelijken:

    Pensioenkapitaal als één bedrag of uitgesplitst

    Beide overzichten geven weer wat de beleggingswaarde van uw pensioenkapitaal is op 1 januari 2019. Als u zowel een start- als een spaarkapitaal heeft (in de brief van begin juli leest u een uitleg), dan ziet u in de brief van begin juli het kapitaal uitgesplitst weergegeven. Op uw Uniform Pensioenoverzicht is de beleggingswaarde van uw pensioenkapitaal als een totaalbedrag weergegeven.

    Beide overzichten geven pensioen weer als u op 1 januari 2019 pensioen inkoopt

    Beide overzichten geven weer welk pensioen u zou kunnen aankopen met de waarde van uw pensioenkapitaal op 1 januari 2019. Op uw Uniform Pensioenoverzicht ziet u dat onder het kopje ‘Pensioenindicatie bij beëindiging deelname voor pensioendatum’ en is een totaalbedrag weergegeven. Op de brief van 1 juli ziet u de bedragen uitgesplitst als u zowel start- als spaarkapitaal heeft.

    Wel of geen rekening gehouden met 5% verhoging en aanvullende garanties

    In de brief van begin juli worden twee situaties geschetst: een situatie waarbij wel rekening is gehouden en een situatie waarbij geen rekening is gehouden met de extra’s die u krijgt vanwege de voortijdige omzetting van het pensioenkapitaal in pensioen. Dat zijn een verhoging van uw pensioenkapitaal met 5% en aanvullende garanties. De bedragen op uw Uniform Pensioenoverzicht zijn dus vergelijkbaar met de bedragen waarbij geen rekening is gehouden met de verhoging van 5% en de aanvullende garanties. Uitzondering is de zogenoemde ‘tariefgarantie’. Daar is in alle overzichten rekening mee gehouden, omdat deze garantieregeling al eerder is getroffen.

    Verschillende rekenfactoren

    Tussen het Uniform Pensioenoverzicht en de brief van begin juli is er nog wel een klein verschil, omdat in de brief van begin juli is gerekend met de kostenopslag die geldt bij pensionering in plaats van de kostenopslag die geldt bij einde dienstverband. De kostenopslag bij pensionering is lager.

     

  • Kunt u berekenen hoe de omzetting voor mij heeft plaatsgevonden?

    Op 18 september organiseren wij een webinar waar wij ook een nadere toelichting geven op de wijze waarop de omzetting heeft plaatsgevonden. U kunt zich hiervoor opgeven door een e-mail te sturen aan algemeenbestuur.ppf@philips.com

  • Welk pensioen zie ik staan in de brief van 4 juli 2019?

    In onze brief van 4 juli 2019 hebben wij aangegeven welk ouderdomspensioen (en nabestaandenpensioen) u naar verwachting toegekend krijgt als wij uw opgebouwde kapitaal per 1 oktober 2019 gaan omzetten in pensioen. Op pagina 5 ziet u eerst het pensioen dat u zou krijgen als er geen garanties (dus ook de tariefgarantie niet) van toepassing zouden zijn geweest bij de omzetting en het kapitaal niet met 5% wordt verhoogd Daarna staat het pensioen dat geldt op basis van de garanties (inclusief de tariefgarantie) en de verhoging van uw kapitaal met 5%.

  • Welk pensioen zie ik staan in mijn Uniform Pensioenoverzicht (UPO) van de prepensioneringsregeling?

    In het UPO prepensioneringsregeling ziet u eerst het pensioen dat u zou krijgen als uw kapitaal op 1 januari zou zijn omgezet. Als tweede ziet u het pensioen dat u zou krijgen als uw pensioenkapitaal op uw pensioenrichtleeftijd zou zijn omgezet. Allebei de bedragen moeten vermeld worden op het pensioenoverzicht. Dit is wettelijk verplicht.
    Ook is het wettelijk verplicht om bij de vermelding van het pensioen op uw pensioenrichtleeftijd rekening te houden met een verhoging van het kapitaal tot de pensioenrichtleeftijd met 4% per jaar. Dit betekent dat wij wettelijk verplicht zijn om rekening te houden met een rendement van 4% per jaar. Dit is niet realistisch. Daarom is de pensioenindicatie op uw pensioenrichtleeftijd ook niet realistisch. Dit is de reden waarom wij de afgelopen jaren u verwezen naar de Pensioenplanner. Daarin wordt met realistischere, lagere rendementen gerekend.

  • Als ik mijn UPO 2018 vergelijk met mijn UPO 2019 zie ik dat mijn pensioen lager is geworden. Hoe komt dit?

    In het UPO 2018 ziet u eerst het pensioen dat u zou krijgen als uw pensioenkapitaal op 1 januari 2018 zou zijn omgezet. Op dezelfde plek ziet u in uw UPO 2019 het pensioen staan dat u zou krijgen als uw pensioenkapitaal op 1 januari 2019 zou zijn omgezet. Deze bedragen zijn niet gelijk aan elkaar. Dit komt door het volgende.

    • Uw kapitaal op 1 januari 2019 is niet gelijk aan uw kapitaal op 1 januari 2018.
    • Op 1 januari 2019 bent u ouder dan op 1 januari 2018. Als u ouder bent krijgt u minder pensioen voor hetzelfde kapitaal. Het kapitaal kan namelijk minder lang renderen.
    • Als laatste punt noemen wij de tariefgarantie die wij toepassen bij de omzetting van uw startkapitaal. Deze tariefgarantie is in het verleden niet op de juiste wijze toegepast. Dit hebben wij per 1 januari 2019 aangepast.

    Ook ziet u dat het pensioen, dat u zou krijgen als uw kapitaal op uw pensioenrichtleeftijd zou zijn omgezet, niet gelijk is in uw UPO 2018 en UPO 2019. Dit komt omdat uw kapitaal op 1 januari 2018 niet gelijk is aan uw kapitaal op 1 januari 2019. Op het UPO van 2018 gingen we er vanuit dat er in 2018 4% rendement behaald zou worden, in het UPO van 2019 is het werkelijk behaalde rendement meegenomen.

  • Waarom is het pensioen in de brief van 4 juli 2019 lager dan het pensioen in mijn UPO 2018?

    In het UPO 2018 ziet u het pensioen dat u zou krijgen als uw kapitaal op 1 januari 2018 zou zijn omgezet.
    In onze brief van 4 juli 2019 ziet het pensioen dat u naar verwachting krijgt als uw kapitaal per 1 oktober 2019 wordt omgezet.
    De pensioenen zijn niet gelijk aan elkaar. Dit komt door het volgende:

    • Uw kapitaal is op 1 oktober 2019 niet gelijk aan uw kapitaal op 1 januari 2018.
    • U bent op 1 oktober 2019 ouder dan op 1 januari 2018. Als u ouder bent krijgt u minder pensioen voor hetzelfde kapitaal. Het kapitaal kan namelijk minder lang renderen.
    • De tariefgarantie is in het verleden niet op de juiste wijze toegepast. Bij de berekening per 1 oktober 2019 is de tariefgarantie toegepast zoals die altijd bedoeld is geweest.
    • In de brief van 4 juli 2019 zijn twee situaties vermeld. In de eerste situatie zijn geen garanties toegepast, dus ook niet de tariefgarantie. In de tweede situatie zijn alle garanties wel toegepast.
  • Welke pensioenbedragen moet ik met elkaar vergelijken?

    Op uw UPO 2019 ziet u het pensioen staan dat u zou krijgen als uw kapitaal op 1 januari 2019 zou zijn omgezet in pensioen. Hierbij is de tariefgarantie op de juiste wijze toegepast. Er gelden bij die omzetting geen aanvullende garanties en het kapitaal is niet met 5% verhoogd.
    In de brief van 4 juli 2019 ziet u de indicatie van het pensioen staan dat u naar verwachting krijgt als uw kapitaal op 1 oktober 2019 wordt omgezet in pensioen. Voor de vergelijking moet u kijken naar het pensioen dat op pagina 5 staat in het blok ‘Pensioenindicatie met 5%-verhoging en aanvullende garanties’.
    Bij de berekening van dit pensioen is ook de tariefgarantie toegepast.
    Het pensioen dat in de brief van 4 juli 2019 staat, is iets hoger dan het pensioen dat u op uw UPO 2019 ziet. Dit komt door de verhoging met 5% en de aanvullende garanties. Verder zijn de bedragen vergelijkbaar en liggen ze in lijn met elkaar.

  • Ik ben alleenstaand en zie nu een nabestaandenpensioen op mijn UPO 2019 van de prepensioneringsregeling staan. Daarnaast zie ik dat mijn ouderdomspensioen lager is dan vorig jaar. Hoe komt dit?

    Op 1 januari 2019 is het pensioenreglement gewijzigd voor de situatie bij uitdiensttreding. Voortaan kiest u niet meer op het moment van uitdiensttreding of u uw nabestaandenpensioen wilt inruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Die keuze moet u voortaan maken op het moment waarop u met pensioen gaat. Hiermee voorkomen we dat een eventuele partner in de periode na uitdiensttreding tot uw pensionering niet verzekerd is voor nabestaandenpensioen. Dat is bijvoorbeeld belangrijk als u bij uitdiensttreding alleenstaand bent en later een partner krijgt.
    Ook als u geen partner heeft, betekent dit dus dat van uw kapitaal een nabestaandenpensioen ingekocht wordt. Op eerdere pensioenoverzichten werd er automatisch rekening mee gehouden dat een alleenstaande het nabestaandenpensioen inruilt voor een hoger ouderdomspensioen. U zag in dat geval geen nabestaandenpensioen en een hoger ouderdomspensioen op uw pensioenoverzicht. Omdat bij uitdiensttreding geen uitruil van nabestaandenpensioen meer plaatsvindt (maar pas bij pensionering), is op het Pensioenoverzicht 2019 het nabestaandenpensioen niet langer automatisch ingeruild voor een hoger ouderdomspensioen. Daarom ziet u als alleenstaande op uw Uniform Pensioenoverzicht 2019 wel een nabestaandenpensioen en mogelijk een lager ouderdomspensioen dan vorig jaar. U heeft uiteraard nog wel de mogelijkheid om uw nabestaandenpensioen op uw pensioendatum in te ruilen voor een grofweg 20% hoger ouderdomspensioen. Ook in de overzichten bij de brief van 4 juli 2019 is ook voor alleenstaanden een nabestaandenpensioen vermeld dat bij pensionering omgezet kan worden in een hoger ouderdomspensioen.

  • Meer laden...

Wilt u meer uitleg over de prepensioneringsregeling?

Vragen en antwoorden

  • In de eerste alinea van de brief staat ‘Volgens het reglement wordt dit kapitaal op de pensioendatum omgezet in een pensioen.‘ Welk reglement wordt hier bedoeld?

    Hiermee wordt bedoeld het pensioenreglement van het flex pensioen. In dit document is beschreven hoe uw pensioen bij Philips Pensioenfonds is geregeld.

  • Loop ik nu met het prepensioneringskapitaal zelf beleggingsrisico? Is dat anders dan voor mijn pensioen in het flex pensioen?

    Dat klopt. De prepensioneringsregeling waaraan u deelneemt, is een zogenaamde individuele beschikbare premieregeling. Gedurende uw werkzame leven bouwt u een individueel pensioenkapitaal op, waarmee u een pensioen bij Philips Pensioenfonds kunt inkopen. Tot dat moment wordt uw pensioenkapitaal in de prepensioneringsregeling belegd. Het voordeel daarvan is dat u zelf kunt bepalen hoeveel beleggingsrisico u neemt met uw pensioenkapitaal en dat het behaalde rendement ook geheel ten goede komt aan uw pensioen. Het nadeel is dat u tot uw pensioendatum ook zelf het beleggingsrisico over uw kapitaal loopt.

    Na omzetting is uw pensioen ondergebracht in het flex pensioen. U loopt dan geen direct beleggingsrisico meer. Dat betekent dat een daling van bijvoorbeeld de aandelenkoersen niet direct leidt tot een verlaging van uw pensioen. Wel is het zo dat de verhoging van uw pensioen door indexatie afhankelijk is van de financiële gezondheid van het Fonds, uitgedrukt in de beleidsdekkingsgraad. Als de beleidsdekkingsgraad niet hoog genoeg is, kan het zijn dat uw pensioen niet of slechts gedeeltelijk kan worden verhoogd door indexatie. En als de dekkingsgraad lager is dan 100%, kan er sprake zijn van een verlaging van uw pensioen.

  • Wat is het verschil tussen ‘pensioen’ en ‘pensioenkapitaal’?

    In de brief die u heeft ontvangen, komen verschillende termen voor. Hier leest u een toelichting bij deze termen:

    • Pensioen: het bedrag dat u ontvangt vanaf het moment van pensionering.
    • Aanspraak op pensioen: dit is het bedrag dat u ontvangt vanaf het moment van pensionering, maar dat nu nog niet tot uitbetaling is gekomen.
    • Pensioenkapitaal: hiermee bedoelen wij uw individuele kapitaal dat u heeft in de prepensioneringsregeling. Dit is het spaarpotje waar u elk kwartaal een overzicht van ontvangt via MijnPPF. Dit pensioenkapitaal staat nu nog los van uw pensioenopbouw in het flex pensioen.

Wilt u meer weten over keuzes/wijzigingen in uw privé-situatie?

Vragen en antwoorden

  • Welke voorwaarden gelden als ik mijn pensioen wil vervroegen?

    Uw ouderdomspensioen gaat standaard in als u 68 jaar wordt. Maar u kunt uw pensioen ook op een andere, door u gewenste leeftijd laten ingaan. U mag zelf een pensioenleeftijd kiezen tussen 60 en 70 jaar. Vanaf het moment dat u 58 jaar wordt, kunt u bepalen wanneer u met pensioen wilt gaan. U moet uw pensioenleeftijd doorgeven uiterlijk zes maanden voordat u uw pensioen wilt laten ingaan. Wilt u bijvoorbeeld met pensioen als u 64 jaar wordt? Dan moet u dit doorgeven voordat u 63,5 jaar wordt. Als u uw pensioen op 68 jaar of later wilt laten ingaan, dan moet uw keuze uiterlijk bij ons bekend zijn als u 67,5 jaar wordt. Voor uitstel heeft u wel toestemming van werkgever nodig. Zolang u nog geen pensioenleeftijd heeft gekozen, informeren wij u vanaf uw 60-ste jaarlijks over de mogelijkheid om uw pensioenleeftijd te gaan kiezen.

    Als u eerder dan vijf jaar vóór uw AOW-leeftijd wilt pensioneren, moet u – vanwege fiscale regels – bovendien stoppen met werken. U hoeft alleen te stoppen met werken voor het deel dat u met pensioen gaat. Gaat u in deeltijd met pensioen? Dan hoeft u ook maar in deeltijd te stoppen met werken. Overigens mag u na pensionering wel opnieuw gaan werken, als u dat plan maar niet had toen u met pensioen ging.

  • Wat gebeurt er als ik vóór 1 oktober 2019 ga scheiden?

    Als u gaat scheiden, dan heeft u mogelijk met uw ex-partner afspraken gemaakt over de verdeling van uw pensioen. Heeft u afgesproken het pensioen te verdelen? Dan geldt dit ook voor het pensioenkapitaal in de prepensioneringsregeling. Als uw scheiding vóór 1 oktober formeel is afgerond, wordt een deel van uw kapitaal in dat geval eerst verkocht om een verevend pensioen voor uw (ex-)partner in te kopen. Het resterende pensioenkapitaal wordt op 1 oktober omgezet in pensioen in het flex pensioen. De bedragen in het toegestuurde Pensioenoverzicht worden in dat geval lager.

  • Kan ik nog een verzoek indienen om mijn beleggingsmix te wijzigen?

    Nee, u kunt uw beleggingsmix niet meer wijzigen. U had in de prepensioneringsregeling eenmaal per jaar, op 30 september, de mogelijkheid om over te stappen van de Dymix-beleggingsmethode (dat is de standaard beleggingsmethode) naar een zelfgekozen mix. Als u een eigen mix heeft, kon u eenmaal per maand de beleggingsmix wijzigen. Die mogelijkheid is er nu niet meer. De beleggingen worden de komende maanden (eind juli, eind augustus en eind september) in drie gelijke delen verkocht.

Boven